Column van Theo

 

Zondigen

Voor het, wegens de uitspattingen tijdens de carnaval, boete doende volksdeel, is een zonde iets dat - mits opgebiecht aan een biechtvader - je door het prevelen van de opgelegde penetentie, kunt wegpoetsen. Dinsdag biechtte een, niet tot dat deel behorende, dienaar van de koning ten overstaan van de zich ambtsgenoten noemende volksvertegenwoordigers, een leugentje voor zijn bestwil op. De dienaar in kwestie had kennelijk bedacht dat hij bij zijn biechtvaders en -moeders niet weg zou komen met weesgegroetjes en onzevaders en koos daarom voor een vlucht naar voren: hij liet meteen weten dat hij zijn ontslag ging aanbieden aan ’s lands, van sportsuccessen genietende, ceremoniemeester, annex watermanager.

Daar zit je dan als jezelf in de kijker willen spelende aanvoerder van een oppositiefractie. Nog voordat je de zondaar lekker had kunnen afdrogen, spreekt deze al snikkend het mea, mea, maxima culpa! Shit!

Maar geen nood, je zit er toch en die adrenaline moet uit je lijf. Dus richt je je pijlen maar op zijn baas. Die bleek - nauwelijks geïntimideerd door het wapengekletter - als zo vaak niet tot nauwelijks te raken. Onder het surfen en appen door gaf hij meteen toe (evidence based strategy) dat hij een inschattingsfout had gemaakt en dat bleef hij tot vervelens toe herhalen. In allerlei bewoordingen liet hij bijna achteloos, bij voorkeur in korte bijzinnetjes, weten dat het misschien niet slim was geweest via de Volkskrant de kamer te informeren over de zonde - géén doodzonde! - van zijn buddy. Dat de executeurs geen vat op hem kregen had natuurlijk ook alles te maken met de vragen die aan hem werden gesteld.

Leden van de ondernemingsraad van Oxfam Novib weten dat een vraag als: “Wat gaat u doen aan het verlies van onze geloofwaardigheid”, door de bestuurder beantwoord wordt met: “Het feit dat de adjunct-directeur is opgestapt is een dusdanig krachtig signaal richting onze donateurs, dat deze hun donaties niet zullen stopzetten”. En dus stellen zij zo’n vraag ook niet …..

 

Rad voor de ogen draaien

Trump is nu - dat kan niemand ontgaan zijn - een jaar de ‘machtigste leider’ van de wereld. Hij kwam - tot zijn eigen verassing - aan de macht omdat het beeld van het land dat hij schetste en de aanpak die hij voorspiegelde, naadloos aansloot op het waarnemings- en bevattingsvermogen van velen van zijn landgenoten. Alles wat niet past in dat plaatje (zijn rijkdom, zijn seksisme, zijn machismo, zijn minachting) werd simpelweg niet gezien of gehoord; óf bewonderd en overgenomen.

Van dat gebrekkige waarnemings- en bevattingsvermogen van mensen, maken ook reclamemakers ongegeneerd gebruik. Neem nou de reclame van dat vaatwasmiddel. Je ziet een man de afwas doen in een zeer ruim opgezette complete keuken, waar het aan niets lijkt te ontbreken. De boodschap is dat het gebruikte afwasmiddel zóóóó lang meegaat, dat het - naar de lege fles verlangende - zoontje daar wanhopig van wordt. Dat ding vormt namelijk een wezenlijk onderdeel van de raket die hij wil bouwen.

De kijker wordt niet geacht te zien dat het onwaarschijnlijk is dat - gezien het huis waar het tafereel zich afspeelt - de ruim boven de Balkenendenorm verdienende man, week in week uit voor het avondeten thuis is, nog tijd ziet om zijn colbertje te verruilen voor de casual trui en na afloop de afwas te doen. Onwaarschijnlijk, ook omdat er geen enkele aanwijzing is waarom hij geen gebruik maakt van de beslist aanwezige vaatwasser. Nog gekker is het dat het jochie kennelijk in staat is geweest een schitterende helm in elkaar te knutselen, maar voor zoiets als een raket kennelijk een, overigens weinig gestroomlijnde, plastic fles nodig heeft.

De boodschap die kennelijk moet overkomen is die van een zorgzame, voor zijn kind beschikbare en betrokken vader, die in een laboratoriumachtige omgeving de afwas doet (rolmodel), geen gebruik maakt van de vaatwasser (milieuoverwegingen?), het jochie niet verwent met kant en klaar speelgoed (creativiteit bevorderend!) en hem daarenboven ook nog leert flink geduld te hebben ….

Het doet me denken aan de bestuurder die beweerde dat de deplorabele financiële situatie waarin het kinderdagverblijf was komen te verkeren, te wijten was aan de aanval op de Twin Towers! Het leek even dat het haar zou lukken ….

 

‘Mensen zijn niet gek’

Mijn mening over het functioneren van de ‘democratie’ werd tijdens het debat over de regeringsverklaring flink op de proef gesteld. Met als toppunt de scene waarin de aanvoerder van de oppositie met een nauwelijks verhullend seintje zijn volgers aanspoorde, hun steun te betuigen. Die daarop ook prompt met geroffel op de bankjes reageerden. Als je voor de baarlijke nonsens die je uitbraakt de handen op elkaar wilt krijgen, blijft ook weinig anders over.

Het principe dat mensen met beperkte verstandelijke vermogens ook deel moeten kunnen uitmaken van de volksvertegenwoordiging, is een groot goed. Ook buiten het Binnenhof lopen immers mensen rond die niet begiftigd zijn met een enigszins ontwikkeld denkvermogen. Hoewel, in het debat werd daar ook aan getwijfeld. “Mensen zijn niet gek”, hoorde ik een andere hoofdrolspeler aan die klucht zeggen. Zal wel met politieke correctheid te maken hebben. Hoe hun je namelijk beweren dat mensen die geloven dat het mogelijk is om de grenzen te sluiten en te houden, en dat de daarmee onvermijdelijke ‘nexit’ de door hen zo gewenste voorspoed zal brengen, niet gek zijn! Hoe dom moet je zijn om je te laten wegzetten als mak stemvee en daar zichtbaar nog trots op zijn ook? Misschien dat de status van het lidmaatschap van dat ‘nep-parlement’ en de vorstelijke beloning die daartegenover staat, de doorslag gaf?

In medezeggenschapsland behoren de door de bedrijfsledengroep geïnstrueerde leden van een OR tot een ver verleden. Ook het hun afdeling en de belangen van collega’s behartigende smaldeel is aan het verdwijnen. Wat daarvoor in de plaats komt zijn mensen die snappen dat de toekomstbestendigheid van de onderneming de grootste garantie biedt op (behoud) van werkgelegenheid; dat respect voor en het gebruikmaken van alles wat medewerkers aan kennis, kunde en ervaring in huis hebben kritische succesfactoren daartoe zijn, en dat de OR waar ze deel van uitmaken, op basis van de wettelijke middelen die hem ter beschikking staan, in staat is dit te bewerkstelligen.

 

 

Adviseren

Onlangs zag ik nog eens een advies van een OR dat geheel was ingericht volgens de richtlijnen van wijlen Mr. F.W.H. Vink, dus eindigend met ‘de OR adviseert positief op het te nemen besluit, mits de door hem gegeven adviezen worden overgenomen’. Of woorden van die strekking.

Het deed me denken aan de tijd, dat ik zelf deel uitmaakte van een OR. Met de overtuiging dat het uit te brengen advies ertoe deed, gingen we vol op de inhoud van het besluit, ehh besluitvoornemen natuurlijk.

Veel later drong het besef tot me door dat we met niets anders bezig waren dan de bestuurder de maat nemen. Bij niemand kwam het op te bedenken dat het overleg met de goede man/vrouw veel weg had van een functionerings-, soms zelfs van een beoordelingsgesprek!

In dat verband vroeg ik - in het bijzijn van de bestuurder - eens een OR-lid welke functie hij binnen de organisatie bekleedde. Hij liet daarop weten dat hij ingenieur was, die voor de organisatie unieke kennis in huis had. Toen ik hem daarop vroeg hoe hij het zou vinden als de aanwezigen hem van adviezen zouden voorzien over de wijze waarop hij zijn functie invulde, wees hij net niet naar zijn hoofd: “Laten ze maar zeggen wat ze willen en aan mij overlaten hoe ik dat doe”, liet hij weten - en de overige leden knikten instemmend. Het was een inkoppertje hem en de overige leden erop te wijzen dat ze tot dan toe richting bestuurder hetzelfde hadden gedaan.

Niet zo verwonderlijk dat bestuurders zich weleens afvragen of ze wel advies moeten vragen ……

 

 

Formatie principes

De kandidaten:

Grote winnaars, grote verliezers, kleine winnaars, kleine verliezers, eenkennigen, fantasten, charlatans en gewichtigdoeners.

De (rekbare) Principes:

  1. De winnaars

Beetje lastig principe, want een van de winnaars - die zijn winst behaalde op basis van een op zijn doelgroep toegeschreven programma: een a-4tje met simpele oplossingen, voor problemen die alleen door de aanhangers worden beleefd - is bij voorbaat uitgesloten. Die 1.369.374 op die beweging uitgebrachte stemmen blijken helaas voor de kat zijn viool.

Behoudens die absolute winnaar bezetten de overige bij elkaar opgeteld 71 zetels.

  1. De achtereenvolgende grootste partijen (behalve dan de op een na grootste)

Blijkt dat de principes uit de verschillende programma’s niet te verenigen zijn. Alsof we dat niet eerder hadden kunnen weten. Maar de stemming was goed!

Dan maar de club (met een klein verlies) die met een verschil van 524 stemmenals zesde eindigde. Die had tevoren echter vastgesteld dat een overeenstemming met de grootste partij een kansloze missie is. Dan zou er een grote verliezer aan de beurt zijn, maar die wil helaas niet. De daaropvolgende in het rijtje brengt echter ternauwernood voldoende zetels in. Dan toch maar weer …?

Wordt geen vakantie voor die mannen en de enkele vrouw in de marge.

Geen principe:

Onderzoek - los van wie gewonnen heeft - de betreffende programma’s op overeenkomstige, c.q. te verenigen belangen en zet de vertegenwoordigers van die clubs (een ruime meerderheid moet mogelijk zijn) met een aantal ervaren mediators aan tafel, en een kind kan de was doen!

 

Er zijn inmiddels ondernemingsraden die snappen dat het niet om oplossingen gaat, maar om wat je wilt bereiken. Dus: Geen gezeik, iedereen rijk!

Het hemd is nader dan de rok

Het gemiddelde aantal slachtoffers per jaar als gevolg van een islamitisch gemotiveerde aanslag in de Verenigde Staten - sinds 11 september 2001 is op twee handen te tellen: zes personen. Ter vergelijking: gemiddeld komen 21 mensen om het leven door gewapende peuters.
In Nederland stierf in de afgelopen 15 jaar één man als gevolg van een islamitische aanslag. Het aantal verkeersdoden als gevolg van alcoholgebruik in het verkeer ligt jaarlijks grofweg tussen de 60 en 135.

Wanneer je het als een belangrijke taak van de overheid beschouwt om mensen te beschermen, dan is het een eitje om het aantal slachtoffers van schietende peuters en van beschonken verkeersdeelnemers drastisch te verminderen. Het is dus meer een kwestie van willen dan van kunnen. De Riffle Association vertegenwoordigt de zichzelf verdedigende Amerikaanse republikeinse kiezers en die wil je niet tegen in je in het harnas jagen. Dus wijs je als politicus in dit verband op de verantwoordelijkheid van ouders: die moeten die kleine mensjes gewoon beter leren omgaan met dat wapentuig.

De hardwerkende Nederlandse alcohol consumerende burger wil je - met het oog op je herverkiezing - als onderdeel van de wetgevende macht ook liever niet tegen de haren instrijken. Oké, die jongeren - let wel zonder het actieve en passieve kiesrecht - moeten ontmoedigd worden alcohol te gebruiken, want die kunnen die verantwoordelijkheid immers niet aan.

 Zo werd In een ziekenhuis - het zal geen uitzondering zijn geweest - twee roosters gehanteerd. Een van beiden voldeed helemaal aan het gestelde in de arbeidstijdenwet en lag zorgvuldig opgeborgen in de bureaula van het afdelingshoofd. Het werkelijke rooster - in strijd met wet en regelgeving - opgesteld door het verplegende personeel, prijkte aan de binnenkant van het keukenkastje van de afdeling. De OR daarmee geconfronteerd en gewezen op artikel 28, beriep zich op het feit dat betreffende collega’s zelf verantwoordelijk zijn. Toen ik wees op het risico van fouten door te lange werktijden en daartegen de macht van de OR afzette om dit tegen te gaan, piepte een van de leden dat dit de ‘verantwoordelijkheid van de werkgever’ was …..

Pragmatiek

Het gebouw van het Europees Parlement (EP) schijnt jaarlijks met 1 cm te verzakken. Toen ik dat las hoorde ik de Fransen denken: het is nog een kwestie van tijd en dan lost het probleem omtrent een vestigingsplaats zich van zelf op. Voor een besluit Straatsburg als enige vestigingsplaats aan te wijzen, is geen verdragswijziging nodig. Tijdens de Top van Edinburgh in 1992 werd namelijk besloten dat Straatsburg de officiële zetel van het EP is. Te vrezen is dat deze praktische – en vooral ook goedkope - insteek het níet gaat worden.

Nieuwbouw gaat € 430 miljoen kosten. Met de overschrijdingen bij de bouw van het nieuwe NAVO Hoofdkwartier in het achterhoofd, wordt dat al gauw een half miljard. Trekken we die Britten voor 10 miljard het vel over de oren, dan zal dat geen obstakel vormen.

 

De betrokken ondernemingsraden van samenwerkende gemeenten maakten zich ooit op te adviseren over de vestigingsplaatsen van de samen te voegen diensten. Om niet in een machtsstrijd te geraken, werd er voor gekozen om met elkaar uitgangspunten te formuleren en op basis daarvan criteria op te stellen. Daardoor zou een keuze uit de vele opties soepel kunnen verlopen. Applaus van bestuurderszijde voor deze pragmatische insteek bleef echter uit. Sterker nog, het bleef angstvallig stil. Die stilte bleek als zo vaak een voedingsbodem voor allerlei speculaties en die zaten er niet ver naast. Achter de schermen had er flinke uitruil plaatsgevonden, waar niet alleen vestigingsplaatsen en dito gebouwen onderdeel van hadden uitgemaakt, maar ook de invulling van de topfuncties. Hoezo zoeken naar optimale oplossingen voor de huisvesting; hoezo de juiste man of vrouw op de juiste plaats?

 

Keukentafel

Thuis aan tafel nemen we regelmatig de stand van zaken in de wereld door.

Op mondiaal niveau zijn we sinds dit jaar meestal gauw klaar. De hoofdrolspelers zijn óf te wel zeer voorspelbaar, óf volstrekt onberekenbaar. Die eerste groep is alleen interessant als je fantaseert over wat er zou gebeuren wanneer ze eens iets anders dan anders doen. Die kans nadert bij die gasten de ‘nul’ en dus ben je gauw klaar. De tweede groep, eigenlijk zijn  er maar twee leden, is niet zozeer onvoorspelbaar maar bestaat uit onbenullen. We komen daarom al gauw uit op wat zich in het neder-landje afspeelt. Helaas wordt het nieuws in dit postverkiezingstijdperk vooral bepaald door de berichtgeving omtrent de beslissende fase waarin het voetbalseizoen zich bevindt. Of door onze jonge - de raceregels aan zijn (zware) rechterlaars lappende - snelheidsduivel. Maar vooral - en dat met stip - door de diaspora van naar ruimte snakkende boeren die op zoek zijn, geïnspireerd door hun voormalige medelanders met een niet westerse achtergrond, naar Nederlandse bruiden.

En dus hebben we het al gauw over ons vrijwilligerswerk. En daarmee is de avond dan ook meteen gevuld. Geen Erdogan, geen Trump, geen Kim Jong-un, geen Rutte, maar Marieke, Corry, Roel of hoe ze allemaal ook mogen heten. De thema’s verschillen uiteraard en zijn daarom dan ook zelden interessant genoeg om besproken te worden. Maar hoe je het ook wendt of keert, verschillen in optreden, in (on)voorspelbaarheid, alsook het gebrek aan benul, is ook daar aan de orde van de dag. Koninkrijkjes worden gevormd of opgeblazen, functies worden geambieerd of ter beschikking gesteld, bestuursleden gaan hun eigen weg en komen onder vuur te liggen, dreigend taalgebruik is van alle dag, lidmaatschappen worden opgezegd en afspraken met voeten getreden. Kortom, zoek de verschillen met Recep, Ronald, Jong-un en ons Markje!

Vandaag hoorde ik een bestuurder verhalen over zijn ondernemingsraad. Onder het bewind van een meer dan vijftien jaar zittend OR-lid, gesecondeerd door een streng naar de leer van de wet levende ambtelijk secretaris, was die club - na veel wisselingen in samenstelling - vrijwel leeggelopen! Deze bestuurder - kort voor zijn pensioen staand - deed deze gang van zaken zichtbaar leed. Wat had hij graag het ‘goede gesprek’ gevoerd ….

Regel 1: Ik heb altijd gelijk. Regel 2: Als ik geen gelijk heb, geldt regel 1

Als havist werd hij erdoor geïnspireerd. Kan zijn dat hij er - minder waarschijnlijk - ook om heeft gelachen. Later als fotoshoppende en verwoed twitterende politicus weet hij die regel echter succesvol in praktijk te brengen. Door zich het alleenrecht toe te eigenen te weten wat burgers denken, willen, vinden, voelen en waarnemen, durft nauwelijks iemand hem tegen te spreken. Iedereen vermoedt namelijk dat er altijd wel ergens een burger rondloopt die zijn standpunten onderschrijft.

Een collega-politicus die desondanks een poging daartoe waagde, ging dan ook meteen op zijn bek. Gevraagd om een standpunt te onderbouwen, liep hij in zijn uitleg helemaal vast. Erg pijnlijk natuurlijk. Dom, dom, dom van die 50-plusser overigens, want de essentie van het ‘weten wat de mensen willen’, ligt nu juist besloten in het feit dat daar geen enkele onderbouwing bij past. Nog pijnlijker was dat die brave borst geen andere uitweg zag dan de om toelichting vragende vertegenwoordiger van de media als onbetrouwbaar neer te zetten!

Na een gloedvol betoog van een OR-lid over het weglekkende werkplezier, beweerde zijn bestuurder (met dreigende stem) heel goed te weten wat er onder zijn personeel leeft en dat hij zich niet herkende in het geschetste beeld. Kennelijk geïntimideerd door die stellingname, bleef het aan de zijde van zijn OR vervolgens opvallend stil ….

Inburgering

Examenonderdeel: Kennis van de Nederlandse samenleving

In Nederland is het de gewoonte om onzinnige voorstellen te doen.      

Ja       Nee    

 Nederlandse parlementariërs uiten zich bij voorkeur over zaken zonder zich daarin verdiept te hebben.                                                      

Ja       Nee    

Bij een referendum laat de Nederlander zijn mening niet beïnvloeden door kennis te nemen van de consequenties van zijn of haar stem.          

Ja       Nee    

 In de Tweede Kamer maken oplossingen een veel groter onderdeel uit van de beraadslagingen dan het doel wat men daarmee beoogd te bereiken.                                                                                                                

Ja       Nee    

De belangrijkste taak van ministers en staatsecretarissen is het beantwoorden van stompzinnige vragen van Kamerleden.                       

Ja       Nee    

Vrijheid van meningsuiting is het geven van een mening zonder zich geremd te weten door enige kennis van zaken.

Ja       Nee   

De PVV beijvert zich voor het recht eerst te mogen nadenken voordat je al of niet je mening ventileert.                                                                 

Ja       Nee    

 Het belangrijkste criterium van de Nederlander bij het beoordelen van beleid is: Wat heb ik eraan!                                                 

Ja       Nee    

 De ‘mondige burger’ is iemand die zich niet geremd weet.                                

Ja       Nee    

                                                                                            Nederlander wordt geregeerd door de boze burger.                                

Ja       Nee    

                                                                                                                 Ondernemingsraden leveren een bijdrage aan het goed functioneren van organisaties.

Ja       Nee    

Bent u tevreden met uw antwoorden?                                                     

Ja       Nee    

Omdenken anno 2017

8 Zetels verlies als een overwinning vieren!

Bijna 10 zetels achterblijven op de eigen voorspelling en de uitslag betitelen als ‘niet van durven dromen’.

Na het verlies van 29 zetels, het mes in de rug van de partijvoorzitter plaatsen.

Op 5 zetels komen en roepen dat er een eind gemaakt wordt aan de pensioenroof, het terugbrengen van de pensioenleeftijd en het herstellen van de koopkracht van de rijkste 65plus generatie ooit.

Je van deelname aan de regering uitgesloten weten en blijven dromen van de absolute meerderheid.

Met een op onderdelen niet los van elkaar te realiseren programma, de grootste winnaar worden.

Het programma baseren op een geloofsovertuiging en gelijk blijven in het aantal Kamerzetels.

Een voorstel voor invoering van bindende referenda en volksinitiatieven, ‘vergelijkbaar met het volgens hen zeer succesvolle Zwitserse model (Naast de meerderheid van het volk dient er ook een meerderheid van de Kantons voor te stemmen!) levert 2 zetels op.

Een plan B om de aarde te redden levert 3 zetels winst op.

Een breekpunt maken van het afschaffen van de eigen bijdrage komt op 1 zetel verlies te staan.

De poging om de kloof tussen politiek en burger met nepaccounts en -filmpjes te dichten, is voldoende om 2% van de kiezers tot een stem te verleiden.

Uitdrukkelijk kiezen voor Europa legde ook geen windeieren.

Laatst was er een bestuurder die een lage score van een MTO, wijzend naar de zeer lage respons, wist weg te poetsen als niet representatief ….

 2017: Verkiezingsjaar!

Dat er verkiezingen aankomen kan nauwelijks iemand ontgaan. Hoe die signalen worden opgepakt, is hooguit na afloop een issue. Want dat weten de kandidaat aanvoerders van de inmiddels 81 partijen, annex hun ziel verkopende op de blauwe stoeltjes azende, als stemvee voorbestemd volgelingen en niet te vergeten de ZZP-ers (zelfstandigen zonder partij). Zijn staan immers dicht bij de burger (ook wel de hardwerkende, niet domme, politiek bewuste, goed geïnformeerde, zorgvuldig afwegende kiezer genoemd).

Die doelgroep moet natuurlijk geactiveerd worden. Die vakjes moeten hoe dan ook rood gekleurd worden. Potentiele kiezers die het gevoel hebben dat het best wel goed toeven is in Nederland - en die dan ook niet verbaasd zijn dat het land op de zevende plek staan van de ranglijst van de gelukkigste landen van de Verenigde Naties, dat kan natuurlijk niet. Die komen niet van de bank en zo ze dat al doen, is het niet zeker dat zij dat weloverwogen doen. De hoeders van onze verworvenheden, op zoek naar stemvolk, kunnen daar wel een handje bij helpen. Die hardwerkenden, politiek bewuste, goed geïnformeerde, zorgvuldig afwegende niet domme kiezers, wordt te verstaan gegeven dat ze geen goed beeld hebben van de echte (probleem)situatie; dat ze in ieder geval niet zien dat er enorme bedreigingen op ons afkomen. Nog voordat die categorie burgers zich de vraag kan stellen - voor zover dat ze dat al doen, wordt - vanuit het principe dat gemeenschappelijk vijanden mensen verbindt en hen activeert - daarin voorzien: ‘Europa’, ‘de elite’, ‘de vluchtelingen’, ‘de islamisering’, ‘de Marokkanen’, ‘de Surinamers’, ‘de Polen’ en vul zelf maar in. Niet te vergeten natuurlijk ‘het pluche’ in Den Haag. Dat laatste lijkt gevaarlijk, want degenen die deze angstbeelden onder de aandacht van de hardwerkende, politiek bewuste, goed geïnformeerde, zorgvuldig afwegende potentiële burger brengen, doen dat om op dat ‘pluche’ te blijven of te komen. “Boeien”, zal de campagnestrateeg zeggen, “als die angst er maar goed in zit, gaat het verder nergens over”.

Daar sta je dan als niet hardwerkende, politieke onbenul, op onderbuikgevoelens afwegende domme burger!

Aan het begin van de kredietcrisis noemde een directeur van een kinderopvang organisatie die bankencrisis als de directe aanleiding om rigoureus te gaan snijden in de kosten. Behorende tot de groep van ‘niet domme, hardwerkenden’ kon ze kennelijk niet bedenken dat die ‘domme, niet hardwerkenden’ leden van de OR de link met de crisis als oorzaak niet konden leggen. Simpele vragen over oorzaak en gevolg van de ontstane beroerde financiële situatie, schoof ze, met een beroep op hun onbenul, terzijde. Hoewel betreffende OR redelijk homogeen functioneerde, deed het fenomeen van de ‘gemeenschappelijke vijand’ daar nog een aanmerkelijk schepje bovenop. Haar lot was bezegeld ….

 

Regel 1: Ik heb altijd gelijk. Regel 2: Als ik geen gelijk heb, geldt regel 1

Als havist werd hij er door geïnspireerd. Kan zijn dat hij er - minder waarschijnlijk - ook om heeft gelachen. Later als fotoshoppende en verwoed twitterende politicus weet hij die regel echter succesvol in praktijk te brengen. Door zich het alleenrecht toe te eigenen te weten wat burgers denken, willen, vinden, voelen en waarnemen, durft nauwelijks iemand hem tegen te spreken. Iedereen vermoedt namelijk dat er altijd wel ergens een burger rondloopt die zijn standpunten onderschrijft.

Een collega-politicus die desondanks een poging daartoe waagde, ging dan ook meteen op zijn bek. Gevraagd om een standpunt te onderbouwen, liep hij in zijn uitleg helemaal vast. Erg pijnlijk natuurlijk. Dom, dom, dom van die 50-plusser overigens, want de essentie van het ‘weten wat de mensen willen’, ligt nu juist besloten in het feit dat daar geen enkele onderbouwing bij past. Nog pijnlijker was dat die brave borst geen andere uitweg zag dan de om toelichting vragende vertegenwoordiger van de media als onbetrouwbaar neer te zetten!

Na een gloedvol betoog van een OR-lid over het weglekkende werkplezier, beweerde zijn bestuurder (met dreigende stem) heel goed te weten wat er onder zijn personeel leeft en dat hij zich niet herkende in het geschetste beeld. Kennelijk geïntimideerd door die stellingname, bleef het aan de zijde van zijn OR vervolgens opvallend stil ….

 

Inburgering

Examenonderdeel: Kennis van de Nederlandse samenleving

Om cirkel uw antwoord

 

In Nederland is het de gewoonte om onzinnige voorstellen te doen.      

Ja       

Nee    

 

Nederlandse parlementariërs uiten zich bij voorkeur over zaken zonder zich daarin verdiept te hebben.                                                      

Ja       

Nee    

 

Bij een referendum laat de Nederlander zijn mening niet beïnvloeden door kennis te nemen van de consequenties van zijn of haar stem.          

Ja       

Nee    

 

In de Tweede Kamer maken oplossingen een veel groter onderdeel uit van de beraadslagingen dan het doel wat men daarmee beoogd te bereiken.                               

Ja       

Nee    

 

De belangrijkste taak van ministers en staatsecretarissen is het beantwoorden van stompzinnige vragen van Kamerleden.                       

Ja       

Nee    

 

Vrijheid van meningsuiting is het geven van een mening zonder zich geremd te weten door enige kennis van zaken.

Ja       

Nee    

                                  

De PVV beijvert zich voor het recht eerst te mogen nadenken voordat je al of niet je mening ventileert.                                                                 

Ja       

Nee    

 

Het belangrijkste criterium van de Nederlander bij het beoordelen van beleid is: Wat heb ik eraan!                                                 

Ja       

Nee    

 

De ‘mondige burger’ is iemand die zich niet geremd weet.                                

Ja       

Nee    

                                                                                  &nbs

Oren en ogen

Vragend naar de meerwaarde van een OR voor een bestuurder, zal een van de antwoorden betrekking hebben op het opvangen en doorgeven van signalen: “Wij zijn de oren en ogen van de bestuurder”. Op de vraag hoe dat dan in zijn werk gaat, hoe dat oog waarneemt, wat dat oor opvangt, blijft een concreet antwoord uit. Ook een bestuurder zal, gevraagd naar de meerwaarde van zijn OR, melden dat die signaalfunctie voor hem (of haar) een belangrijk element is. Maar ook bestuurders vervallen - gevraagd naar concretisering van die functie - in algemeenheden. Ze beseffen kennelijk dat zeker niet alles wat hen aan signalen bereikt dezelfde aandacht krijgt. Soms zelfs niet eens wordt geregistreerd. Zolang ondernemingsraden het signaleren als belangrijke functie benoemen en hun overlegpartners bedenken dat die signalen hen in sommige gevallen van pas komen, lijkt de vraag naar de meerwaarde afgedaan. In de veronderstelling dat de bestuurder met al die signalen aan de slag gaat, sterker nog, allemaal oplost, blijven OR-leden volharden in het melding maken van misstanden.  

De OR van NS zal, na het lezen van een artikel over zijn bestuurder in de Volkskrant, uit die droom ontwaakt zijn. Die ogen en oren, moet die directeur hebben gedacht, zijn die wel betrouwbaar? Dus ging ze als conducteur aan de slag om zelf kennis te nemen van wat er zich binnen haar organisatie  afspeelt. Hoewel de OR het al had gemeld, stelde zij - vermomd als conducteur - vast dat een computertje niet naar behoren functioneerde. Aan de interviewer melde ze trots dat ze daarop meteen had ingegrepen en voor een vervangend apparaat had gezorgd! Met onze adviezen heeft ze al weinig op, zo zal haar OR gedacht hebben, nu twijfelt ze ook nog aan ons waarnemingsvermogen! 

Ergens in Nederland is er nu een(?) OR die zich afvraagt: Wie ben ik, waartoe ben ik er en wie gelooft  nog in mij?

Scholing

Scholing is belangrijk voor ondernemingsraden, zo liet Prof. Van der Heijden zijn gehoor tijdens een symposium over medezeggenschap weten. Niemand zal hem daarin hebben tegengesproken. De kwestie is echter, waarin moet een ondernemingsraad worden geschoold?

In het voorbereidend overleg op de cursus vliegen de te behandelen thema’s meestal soepeltjes over tafel. “We zijn een nieuw gekozen OR, dus zal de wet op de ondernemingsraden aan de orde moeten komen. En dan ook maar meteen de Arbowet. Omdat we besloten hebben om met commissies te gaan werken, willen we dat je dat ook behandeld. Vergaderen zou ook nog een thema kunnen zijn voor de eerste dag. ‘s-Avonds willen we iets anders doen, iets actiefs. Zo’n hele dag op een stoel hangen, daar wordt je ook niet vrolijk van. Iets van teambuilding bijvoorbeeld? Op dag twee willen we het hebben over het lezen van de begroting en het jaarverslag. En tenslotte vinden het belangrijk dat we ons verdiepen in het onderwerp ‘organisatiestructuur’. Kun je hiermee uit de voeten? Op weg naar zijn volgende afspraak neemt de trainer contact op met het secretariaat om de samenstelling van de mappen voor die cursus door te spreken.

Enkele maanden na de cursus laat deze OR zijn bestuurder weten dat hij om advies gevraagd wil worden over het besluit de topstructuur te wijzigen. De bestuurder laat op zijn beurt weten dat er maar weinig zal veranderen. Maar als de OR er aan hecht, hij er wel een briefje aan wil wijden.

In de nabespreking laat een van de leden weten dat hij zich door dit antwoord vreselijk weggezet voelt. Anderen vinden dat de OR wel tevreden mag zijn met het resultaat: de bestuurder heeft immers toegezegd advies te zullen vragen! Als het nieuwste lid van de OR, daarop aansluitend, opmerkt: “Ben benieuwd wat we de bestuurder gaan adviseren”, is het even stil en worden hem - naast een veelbetekenende glimlach - verwijtend blikken toegeworpen.

Wat zou er gebeurd zijn als de trainer had geweigerd de OR te scholen in zoiets als de WOR en organisatiestructuur, en in plaats daarvan had laten oefenen in het stellen van vragen als: ‘Voor welk probleem is de aanpassing van de topstructuur een oplossing? Voor wie is het een probleem? Welke andere opties zijn overwogen? Wie zijn allemaal bij het besluitvoornemen betrokken of zullen daarbij worden betrokken? Waaraan gaan we merken dat het beoogde effect is bereikt? Met uiteraard het advies: “Als de antwoorden uitblijven of niet voldoen aan jullie verwachtingen, adviseer - gevraagd of niet gevraagd - dan: Niets veranderen. XXX, Je OR”. En natuurlijk de ultieme tip dit advies cc. aan de RvT en alle collega’s te sturen. 

‘Ik vergader, dus ik ben’

Jaren geleden, in het tijdperk van de vaste telefoon, werd tijdens een korte kennismakingsronde de naam van een medewerker omgeroepen. Na nog een oproep liet mijn begeleider me weten: ‘Je wordt gezocht, dus ben je belangrijk!’. Er aan toevoegend dat hij zich niet aan de indruk kon onttrekken dat betreffende collega hier zelf de hand in had. 

Geldt dat ook niet voor vergaderen? Een onderzoeker schatte de kosten van vergaderen in Nederland nog niet zo lang geleden al op zo’n 14 miljard euro per jaar. Tegenover elkaar klagen we er over, maar toch vergadert de gemiddelde werknemer zo’n kwart van zijn werktijd. Ook hier lijkt op te gaan: ‘ik ben in bespreking, dus ik ben belangrijk’. 

We accepteren een uitnodiging daarom maar al te graag, ook zonder duidelijke aanleiding of doel. En daar zit je dan weer:
‘Hey Janine, wat doe jij hier, Carole zou toch komen?’. 
‘Klopt, maar die is erg druk en vroeg mij te gaan. Kan het zijn dat zij de agenda niet heeft gekregen?’.
‘Agenda? Ach, die stellen we aan het begin altijd samen vast’.
‘Enig idee hoeveel mensen er komen?’
‘Mwah…’
En collega’s niet uitnodigen moet je ook maar durven.
‘Uiteraard moeten die er bij zijn. En zet hem voor de zekerheid ook maar op de lijst. En ach, zij zit er meestal ook bij, dus…’

Less is more. Als iedereen zich bij een uitnodiging nou eens afvraagt: ‘Wat gaat er mis als ik niet ga?’ En als de initiatiefnemers zich eens achter de oren krabben: ‘Wie hebben we nodig voor een goed resultaat?’ Dan kan die 14 miljard vast wel met de helft verminderd worden.

Gelukkig doen we dat in OR-land veel beter. Daar overleggen we toch nooit met de bestuurder zonder dat daar een dringende of dwingende reden toe is?

‘Onze bestuurder is nooit voorbereid,’ verzuchtte laatst een ondernemingsraad zeer verontwaardigd en in koor. Het beeld werd geschetst van een man die - door zijn toegewijde en multitaskende secretaresse - net voor het betreden van de vergaderruimte de stukken onder zijn arm gestopt krijgt. Voordat ik het wist, liet ik me ontglippen: ‘Hoe bereiden jullie zelf die vergaderingen eigenlijk voor?’ En stil dat het werd…

Verkiezingen

Veel onderweg, laat ik me over de stand in de wereld en het reilen en zeilen in ons dorpje aan de Noordzee, bijpraten door Radio 1. 

Waren het in de afgelopen zomer de pseudo Mart Smeetsjes die de sporters in het zonnetje zetten, nu de verkiezingen naderen zijn het de politici die zich laven aan de aandacht van de met kopstemmetjes sprekende, aan hun oren gemankeerde, vragenstellers .  

Gisteren werd tijd uitgetrokken voor twee vrouwelijke parlementariërs. De een vertegenwoordigde de partij die van ons dorpje het liefst een soort Zwitserland in het kwadraat wil maken. De ander zat er namens een beweging die ijvert voor een omgeving, waar de rest van de wereld zich kan verlekkeren aan de ecologisch verantwoorde oplossingen voor de schade die het milieu werd toegevoegd. 

Het was niet zozeer het onderwerp wat mijn aandacht trok, maar de manier waarop zij met hun oplossingen trachtten de luisteraars voor zich te winnen. Dreunde de een het adagium van haar grote leider op, deed de ander moeite om uit te leggen hoe haar partij tot bepaalde keuzes was gekomen. Als reactie daarop herhaalde de eerste zichzelf, om - geheel volgens ‘her masters voice’- er grove schande van te spreken dat er kennelijk mensen rondlopen die daar anders over denken. 

Kan het me niet voorstellen dat er ook maar één luisteraar aan het twijfelen is gebracht.  

Ik droom van een dorpje aan de Noordzee, waar politici discussiëren  - nadat er overeenstemming is bereikt over nut en noodzaak om zaken aan te pakken - over aan welke belangen en behoeftes ze de voorkeur willen geven, om op basis daarvan de hogescholen en universiteiten in het geliefde dorpje uit te dagen daarvoor oplossingen te bedenken. Het instituut met de winnende oplossing krijgt een flinke dotatie uit de schatkist om fundamenteel onderzoek te doen.  

Misschien ook iets voor ondernemingsraden ……

Twee maten

Als een gemankeerde inwoner in de VS lucht wil geven aan al of niet vermeend onrecht, kan het zijn dat deze naar zijn wapen grijpt om zijn ongenoegen te uiten. Om je tegen zo’n idioot te verdedigen biedt de grondwet van dat vrijheidslievende land zijn inwoners het recht een wapen te gebruiken. Het zou mij niet verbazen als iemand de slachtoffers al eens heeft verweten niet als eerste te hebben teruggeschoten. 

In Nederland kunnen we - zij het met wat minder desastreuse gevolgen - er intussen ook wat van. Iemand stelt vast dat een CEO van een bank de zaak heeft lopen vernachelen en concludeert dat de belastingbetaler daarvoor moet opdraaien. De idioten in dit polderlandje, die menen dat dit onrecht moet worden bestreden, trekken weliswaar niet het pistool - zo stelde iemand vast - maar de smartfoon. In dit landje hebben we het wettelijke recht onze mening te uiten. Dus gaan we flink los op die zich ten koste van ‘ons’ verrijkende gast. Twitterend, facebookend, hate-mailend, nemen we die teringlijer eens flink onder vuur. 

Toen het - achteraf - fatale besluit werd genomen roerde zich geen collega bestuurder,  toezichthouder of ondernemingsraad. Het zoeken naar de vele aandeelhouders, die zich - na het te gelde maken van de koerswinsten  - hun handen in onschuld wassen, duurt te lang. En waarom verder zoeken: ‘We hebben hem en weten waar hij woont. Terugstorten die bonus en gauw!’ 

Hoe anders gaat het met zakkenvullende falende voetballers. Aan het geld wat sommigen uit die beroepsgroep verdienen, kunnen de meeste - zo niet alle-  CEO’s van de wereld hun vingers aflikken. Ook voor wat betreft  de persoonlijke gevolgen van hun falen, gaat elke vergelijking mank. ‘Ga er maar eens aan staan; kan gebeuren, volgende keer beter’, hoor je dan. Oké, er zijn landen waar zo iemand na een cruciale misser de kans loopt tegen een kogel aan te lopen, maar in onze ‘hoge’ beschaving zal hem dat falen niet lang worden aangerekend. Terugstorten van bonussen of salaris is ook niet aan de orde. Sterker nog, betreffende speler krijgt gewoon weer een nieuwe kans.