Scholing

Scholing is belangrijk voor ondernemingsraden, zo liet Prof. Van der Heijden zijn gehoor tijdens een symposium over medezeggenschap weten. Niemand zal hem daarin hebben tegengesproken. De kwestie is echter, waarin moet een ondernemingsraad worden geschoold?

In het voorbereidend overleg op de cursus vliegen de te behandelen thema’s meestal soepeltjes over tafel. “We zijn een nieuw gekozen OR, dus zal de wet op de ondernemingsraden aan de orde moeten komen. En dan ook maar meteen de Arbowet. Omdat we besloten hebben om met commissies te gaan werken, willen we dat je dat ook behandeld. Vergaderen zou ook nog een thema kunnen zijn voor de eerste dag. ‘s-Avonds willen we iets anders doen, iets actiefs. Zo’n hele dag op een stoel hangen, daar wordt je ook niet vrolijk van. Iets van teambuilding bijvoorbeeld? Op dag twee willen we het hebben over het lezen van de begroting en het jaarverslag. En tenslotte vinden het belangrijk dat we ons verdiepen in het onderwerp ‘organisatiestructuur’. Kun je hiermee uit de voeten? Op weg naar zijn volgende afspraak neemt de trainer contact op met het secretariaat om de samenstelling van de mappen voor die cursus door te spreken.

Enkele maanden na de cursus laat deze OR zijn bestuurder weten dat hij om advies gevraagd wil worden over het besluit de topstructuur te wijzigen. De bestuurder laat op zijn beurt weten dat er maar weinig zal veranderen. Maar als de OR er aan hecht, hij er wel een briefje aan wil wijden.

In de nabespreking laat een van de leden weten dat hij zich door dit antwoord vreselijk weggezet voelt. Anderen vinden dat de OR wel tevreden mag zijn met het resultaat: de bestuurder heeft immers toegezegd advies te zullen vragen! Als het nieuwste lid van de OR, daarop aansluitend, opmerkt: “Ben benieuwd wat we de bestuurder gaan adviseren”, is het even stil en worden hem - naast een veelbetekenende glimlach - verwijtend blikken toegeworpen.

Wat zou er gebeurd zijn als de trainer had geweigerd de OR te scholen in zoiets als de WOR en organisatiestructuur, en in plaats daarvan had laten oefenen in het stellen van vragen als: ‘Voor welk probleem is de aanpassing van de topstructuur een oplossing? Voor wie is het een probleem? Welke andere opties zijn overwogen? Wie zijn allemaal bij het besluitvoornemen betrokken of zullen daarbij worden betrokken? Waaraan gaan we merken dat het beoogde effect is bereikt? Met uiteraard het advies: “Als de antwoorden uitblijven of niet voldoen aan jullie verwachtingen, adviseer - gevraagd of niet gevraagd - dan: Niets veranderen. XXX, Je OR”. En natuurlijk de ultieme tip dit advies cc. aan de RvT en alle collega’s te sturen.